Extra groot of juist extra klein…
Het zijn altijd dezelfde vliegvissers die met goede vangsten thuis komen. Je kent dat wel. Terug in het pension of hotel van je favoriete vliegvisbestemming, na een dag lang en intensief vissen… En dan komt er een collega vliegvisser/hotelgast van het viswater terug en heeft een supervangst bij zich of laat die supervangst zien op mooie foto’s op zijn digitale fotocamera… uit hetzelfde viswater waar je diezelfde dag ook actief was.
Pijnig je dan ’s avonds achter een glas wijn of biertje je gedachten, wat je fout hebt gedaan of was je gewoon op het verkeerde moment op de verkeerde plek? Of, kan die collega vliegvisser beter of verder werpen dan jij? Of, heb je de verkeerde vlieg aan de vliegenlijn gehad? Je wist helemaal niet dat er zo’n grote forellen of veertigplus vlagzalmen in dit vliegviswater zwommen. Allemaal logische vragen waarop je geen antwoord hebt.
Zoals vaak bij het vliegvissen, zit het geheim niet in de antwoorden op al die vragen. Het geheim, als je daar tenminste van kunt spreken, zit in de tactiek. In de wijze van aanpak van die collega vliegvisser. Misschien “durft” deze vliegvisser meer dan jij. Behalve werp- en presentatietechniek en goed materiaal speelt de keuze van de juiste vlieg waarmee je de vissen wilt vangen een belangrijke rol. Zeker… jouw vliegen vangen ook vissen. Maar juist die bijzondere vangsten, die blijven bij verkeerde keuzes uit. Dan moet je eens een andere vlieg durven te kiezen.
Grote vissen zijn, dat mag je aannemen, meer ervaren dan kleinere en jongere vissen. Grote vissen zijn meer selectief en misschien juist daarom wel groter en ouder. Die levenservaring zorgt er voor dat grote forellen of vlagzalmen niet elke vlieg, die wordt aangeboden zonder meer nemen. Het moeten goede imitaties zijn, in de juiste grootte, in kleur en in silhouet. Zelfs wanneer dat het geval is blijven de ervaren grote vissen kritisch. Grote vissen zullen moeilijker tot stijgen te verleiden zijn dan kleinere exemplaren. In het algemeen fourageren grote vissen bijna uitsluitend aan de bodem.
Toch heeft iedere vliegvisser kans om grote vissen te vangen. Die moeten, als het ware, verleid worden. Daarvoor moet je tactisch wel wat in huis hebben. Stap dan af van de traditionele vliegen die je gebruikt. Zoek meer het aparte op. Neem een extra kleine of juist een extra grote vlieg. Een vlieg die je normaal niet aan de lijn zou knopen. Juist dan wordt het eetgedrag van de vis op de proef gesteld. Zoals bij de presentatie van groot aas dat een vis vaak niet kan weerstaan.
Of juist een kleine vlieg die tot azen leidt. Een kleine vlieg heeft minder details en is dus voor de vis slechter te herkennen. De vis kan dan niet zo kritisch zijn. U zult het zien… kies voor groot of kies juist voor klein; het resultaat kan heel verrassend zijn.
Onze ervaring
Ik spreek uit eigen ervaring. Hier zijn enkele voor zich sprekende voorbeelden. In het seizoen 2009 was ik te gast aan de Schwarzwalder rivieren de Breg en de Wolf. Beide rivieren herbergen ook mooie grote vissen. In de Breg viste ik op een stuk met matige stroming. Mijn visstek was ongeveer 150 meter na een stroomversnelling. Direct onder de stroomversnelling werden uitsluitend beekforellen gevangen. Vissen van 30 tot 35 cm. Van vlagzalmen had men hier nog nooit gehoord. Toch landde ik die middag een aantal mooie vlagzalmen tussen 35 en 42 cm. Dat was alleen mogelijk met zeer kleine droge vliegen op haak 20. Zonder goede ogen of een sterke bril nauwelijks aan de lijn te knopen. Het duurde een tijdje alvorens de tactiek met de extra kleine vlieg werd toegepast. Regelmatige verschenen ringen van stijgende vissen op ongeveer 1 meter vanaf de oever aan de overkant. Ik viste vanuit het midden van het water, ter plekke ongeveer 25 meter breed, in de richting van deze oever en presenteerde mijn favoriete Klinkhamer grizzly op haak 14. De ringen bleven komen, maar geen vis die zich interesseerde voor mijn droge vlieg. Andere vliegen stonden evenmin in de belangstelling.
Na ruim 20 minuten en het wisselen van de tip van de leader van 0,14 mm naar 0,12 mm fluorocarbon, besloot ik om een extra kleine vlieg te monteren. Opnieuw een Klinkhamer, een high-vis parachute op haak 20 . De vlieg werd ruim twee meter voor de “ringen” geplaatst. En jawel binnen een half uur stond mijn hengel meerdere keren krom en beleefde ik prachtige vliegvissport. Vooral, omdat grote vlagzalmen aan 0,12 mm leaderpunt zich niet één-twee-drie laat binnen vissen. Met enige gevoel en goed afgestelde slip kan het echter wel.
Extra groot
Dat “extra groot” zich eveneens uitbetaalt laat zich raden. Toch is het niet logisch om bijvoorbeeld een terrestial (landinsect) op haakgrootte 8 aan te binden als je gewend bent om te vissen met droge vliegen op haak 16 of 14 en een vlieg op haak 12 voor jou al een joekel is.
Het was eveneens in hetzelfde seizoen 2009, dat ik in de rivier de Wenne in een diepe en snelle pool, circa 500 meter bovenstrooms van het voetbalveld in Wennholthausen, mijn geluk beproefde. Een zeer aanlokkelijke pool waar volgens ieder vissersgevoel altijd wel enkele grote vissen moesten staan. Direct onder een flinke stroomversnelling trekt de beek hier met grote snelheid door een vernauwing. In de diepe geul, waardoor het water zich doorheen moet persen, zou men normaal met een zware nimf vissen. Maar zelfs dat is op deze plek erg moeilijk, want de nimf krijgt nauwelijks tijd om af te zinken. De lijn gaat met grote snelheid en trekt ook grote nimfen snel weg van de bodem. Om op de leader ter verzwaring van een of meerdere loodhagels te plaatsen strijkt mij tegen mijn vliegvissersharen in. Niet dat ik zo’n purist ben maar het moet wel vliegvissen blijven.
Het besluit om een zwart-rode Foam Beetle op haak 8 aan te knopen moet je als een tactische zet zien. Deze extra grote foam kever heeft een enorm groot drijfvermogen en is door de toef witte yarn bovenop, erg goed zichtbaar. De rest laat zich raden.
Een beekforel van veertig plus is voor de Wenne een absolute kanjer. En dan ook nog op een droge vlieg. Dat ik deze vis nog stroomafwaarts moesten volgen en het water tot bijna aan de rand van mijn waadpak kwam te staan alvorens ik deze vis kon landen, heb ik op de koop toe genomen. Extra groot bracht mij uiteindelijk deze Wenne-recordvis. Ik weet zeker, dat deze vis never en nooit aan de haak was gekomen van een traditionele droge vlieg of nimf met een haakgrootte van bijvoorbeeld 12 of 14.
Tactiek aanpassen
Het advies zal duidelijk zijn. Pas de tactiek aan. Probeer extra groot of als dat nodig is extra klein. Dat betekent dat je in de vliegendoos deze vliegen paraat moet hebben. Je zult bij de voorbereidingen van de visdag met de mogelijkheid om met deze kleine of grote vliegen te vissen rekening moeten houden. Het kan verrassend goede vangsten opleveren. Overigens, behalve extra groot of extra klein behoort een afwijkende kleur ook tot de tactische mogelijkheden. Twijfel dus niet aan je werpkunsten, het materiaal of kennis van het water… maar spreek het tactische repertoire aan. Dat is je nieuwe recept. Succes!
Herinneringen aan Ierland (mei 2010)
Killaloe
Kleine stad aan de oostoever van de Shannon, een twintig kilometer stroomopwaarts van Limerick. Nog net in County Clare. Kerk, kroegen, winkels, een Nederlandse hengelsportzaak. Door een magnifieke eeuwenoude brug verbonden met Ballina, County Tipperary. Kerk, kroegen, winkels, een inheemse hengelsportzaak.
Ursula
Iedereen was verliefd op Ursula, sommigen wilden haar mee nemen naar Nederland, een enkeling zelfs met haar trouwen. Ze drijft in Killaloe een knus, antiek ingericht pensionnetje op een steenworp van de Shannon en de brug die je naar Ballina brengt. Type opgewekt en niet opdringerig. Een prima ontbijt naar keuze, machtig Iers of gezond continentaal. En een lunchtas met koffie en iedere dag weer een nieuwe buitengewoon smakelijke verrassing.
Ferdinand
Ferdinand Heijerman vist al tweeëntwintig jaar in Ierland. Hij woont er inmiddels vijftien jaar. Een uitstekende visser, allerlei visserijen kent hij als zijn broekzak en weet het nodige van de Ierse natuur te vertellen. Sympathieke, rustige knaap. Zeer behulpzaam en efficiënt in zijn werk.
Nenagh
Zeg maar Nina. Een prachtig riviertje dat in het noordoosten in Lough Derg uitmondt. Dinsdag was het zulk mooi stralend weer, dat we dachten dat vissen niks zou worden. Gevieren hebben we toen een ruim rondje om het meer gereden. Hier en daar gestopt om een vervallen kerkhof of een ruïne van een boothuis te bekijken en zo kwamen we een keer bij de Nenagh terecht. Iedereen enthousiast. Even langs de oever gestruind, naar een volgend bruggetje gereden, en wéér naar een volgend bruggetje. En het bleef maar mooi. Donderdag en zaterdag zijn Marcel en ik er weer heen geweest met vliegenhengels. Marcel ving zijn eerste bruine forel op de vlieg. We hebben gevist en ook veel verkend. Van een local begrepen we dat augustus/september de beste tijd was, dan stijgt het water en trekt de forel uit Lough Derg de Nenagh op… Leuke beessies ook: oeverzwaluw, ijsvogel, waterspreeuw.
Auto
De heren vonden het maar al te prettig dat ik de auto wel wilde besturen. Ik had al eens twee weken in Ierland en één in Schotland rondgestuurd, ik was de enige met wat ervaring. In het begin neem je af en toe een stoeprandje mee, maar dat werd allengs minder. Marcel, die meestal naast mij zat, hoorde ik wel af en toe zuchten als de berm, en het daar hangend groen, al te nadrukkelijk in beeld kwam. Het type Volkswagen weet ik niet meer, maar het was een tamelijk forse jongen. Een keer ontkwam de flank maar net aan openrijting, de jongens waren er stil van, Sjoerd ietwat bleek om de neus. Maar goed, vervoermiddel geheel schadevrij weer ingeleverd in Cork.
Visgids
Niets ten nadele van Ferdinand, maar het erop na houden van een gids heeft wel zo zijn beperkingen. Als je met z’n drieën vist zit er altijd een in het midden, en die is dan wat gehandicapt in de mogelijkheden. Vliegenhengel zit er dan meestal niet in. Ferdinand vist razendsnel met jerkbaits een plantenbed af. Hij wil uiteraard dat zijn klanten vis vangen. Is het bed afgewerkt zonder rendement, dan wordt de motor gestart en hup, naar de volgende stek. Dat vind ik persoonlijk wat onrustig. Ik blijf op een mooie plek liever wat langer hangen, en probeer dan verschillende dingen uit. Woensdag visten Rob en ik op het meer, we hebben een of twee plantenbedden uitgekamd, telkens weer opnieuw eroverheen gedreven met de drijfzak. Leverde net zoveel vis op (weinig, overigens) als maandag met Ferdinand erbij, toen we op misschien wel twintig stekken geweest waren.
Shannon
De Shannon is de langste rivier van Ierland, 358 km. Ontspringt in de buurt van Sligo en komt bij Limerick in zee terecht. Eigenlijk is de Shannon vanaf drie kilometer boven Limerick een getijrivier en komt tachtig kilometer ten westen van Limerick in open zee. Een van de opvallendste eigenschappen van deze rivier is het grote aantal meren in de loop, waarvan Lough Allen, Lough Ree en Lough Derg de grootste zijn. Killaloe ligt aan de zuidkant van Derg, en Portumna aan de noordkant. Sjoerd en Marcel hebben met Ferdinand op woensdag nog een eind boven Portumna in de Shannon gevist en daar wel de mooiste dag van de week beleefd. Aan de lopende band snoek en baars die je in het heldere water op spinner of lepel zag duiken. Ook Ferdinand zag er de aardigheid van in, blies het stof van zijn tiengrammer en genoot mee. Vrijdag zijn Rob en ik nog die kant op geweest. Ferdinand liep schade op aan zijn schroef toen hij, gelukkig met geringe snelheid, op een rots voer, die daar al miljoenen jaren lag, maar nog niet in het systeem zat. We hebben wel gevist, en gevangen, maar het paradijs van de jongens konden we door de averij niet meer bereiken.
Meivlieg
Waren we eigenlijk te laat voor. Naar wat we ervan hoorden moet het een erg fascinerende bezigheid zijn. Ferdinand was net begonnen zich erin te verdiepen. Iets voor volgend jaar.
Dagelijks leven
Ontbijt. Daarna vissen: met Ferdinand mee, zelf een boot nemen (we hadden de hele week twee boten tot onze beschikking), met de auto naar een rivier. Meestal ʻs avonds ook nog wat klungelen in de buurt, vanaf de kant, of uit een bootje. Dan een beetje bieren en eten en ouwehoeren. Er zijn prima eetcaféʼs, wij kwamen het meest bij Mollyʼs, aan de andere kant van de brug, in Ballina.
Teleurstelling
Op de hoek, aan onze kant van de brug, had je ook een café, aardige tent, een beetje louche. The Anchor Inn. Een buitengewoon vriendelijke, buitengewoon mollige vrouw zwaaide daar de scepter, of deelde lakens uit, weet ik het. Ze wist twee jeugdige vissermannen uit het verre Holland tot een langdurig verblijf in haar nering te bewegen. Een avondje stevig innemen kwam de boys op een tweehonderd euro te staan. We zagen die jongens ʻs ochtends wel eens in de ontbijtzaal van Ursula. De gezichten niet zelden op onweer. Als je maandenlang de kop vol hebt van Ierse metersnoeken, dan kan de praktijk aardig tegenvallen. Wij zijn wat ouder, en weten een klein beetje meer van wat er te koop is. Voor ons was het gewoon dagelijks genieten van het land, de natuur, de mensen, elkaars gezelschap, en uiteraard van onze visserij.
















